maandag 24 september 2012

Lome covers

Vorige week zag ik op Twitter dat Blaudzun een linkje retweette naar de clip van een vertolking van het nummer Firestarter van The Prodigy door Torre Florim van De Staat. Waar de versie van The Prodigy bol staat van de energie, om maar niet te spreken van agressie is de versie van Torre Florim onderkoeld en ingehouden. En daardoor dreigend. Cool ook, erg cool, zowel het nummer als de video. En een mooie aanleiding voor een blogje met een paar toffe nummers en Youtube clipjes!

En voor het contrast: check het origineel:
Een paar weken geleden draaide Nico Dijkshoorn in zijn radioshow een andere lome cover. Toen ik dat nummer hoorde, herkende ik het meteen, maar toch is het heel anders. No Diggity van Blackstreet is een nineties-classic. Maar Chet Faker geeft er een heerlijk slome draai aan. Is dit een trend? Dance en hip-hop nummers die loom worden gecovered? Geen echte clip, maar toch even luisteren.
Ook van Blackstreet kon ik geen clip vinden.
Enkele jaren eerder deed Get Well Soon ook al eens iets soortgelijks door een akoestische versie van Born Slippy van Underworld op te nemen. Ook de moeite waard zonder echte clip! Underworld had wel een echte spacey video.

dinsdag 10 juli 2012

Col du Grand Colombier: Tweede poging

Donderdagochtend 28 juni vroeger op en lessen leren. Les één fatsoenlijk ontbijten, ruim voor vertrek. Les twee, geen zwarte stijlvolle truitjes en ondershirts. Het wordt vandaag 32 graden, dus koud zal ik het niet krijgen. Ook geen koffie meer aan de voet.

Na negen soepele kilometers draai ik weer linksop. Ik voel meteen dat het beter gaat. Ondanks het gebrek aan regelmaat vind ik iets dat gisteren ontbrak: ritme. De benen zijn ook duidelijk beter. Ze zijn niet machteloos als gisteren. Het is anderhalf uur vroeger en dat scheelt aanzienlijk in de warmte. Kortom het begint erop te lijken. Op het punt waar ik een dag eerder omkeerde stop ik toch even om wat uit te blazen. Ik zit er nog niet doorheen en dat punt wil ik ook graag nog even uitstellen, want het is nog ver en zwaar. Een derde van de klim, de steile aanloop zit er bijna op. Nog een kilometer 8,3% en dan vlakt het af in de schaduw van het bos tot op negen kilometer de we uit Anglefort erbij komt. 

Dan volgen weer drie loodzware kilometers aan 8,7%, 10% en 8,7%. De benen lopen meteen in de tiende kilometer vol. Over de helft, dus aan de top zal ik komen. Al moet ik lopen! In deze steile stroken wordt dit een serieuze overweging. Na elf kilometer doe ik dat zelfs gedurende vijftig meter. Nee dat helpt niet. Terwijl ik moed verzamel stopt er een wit autootje met twee mannen die parkeerplekken zoeken voor de Tour. ‘C’est dure non?’ ‘Oui, très dure!’ en ik klik weer in. Door!

Dan vlakt het wat af, ik kijk terug en zie waarom ik zo heb afgezien. Een bord waarschuwt automobilisten voor stukken tot 14% gedurende drie kilometer. Maar nu wordt het beter. Het begint te lopen. Zes procent, zeven procent is geen probleem, dat trap ik goed weg. Tussendoor zelfs een stukje omlaag en vlak. De top komt binnen bereik.

Na vijftien kilometer houdt het bos op en begint de Alpenweide. De percentages zijn hier goed te doen. Achter mij hoor ik geraas, een touringcar met bejaarden komt me voorbij en verscheurt de serene rust op de berg.
Er is weinig verkeer op de berg. Een handvol auto’s en deze bus. Andere fietsers heb ik vandaag nog niet gezien. In een relatief soepele tred werk ik de laatste kilometers af. Het witte autootje komt me tegemoet gedaald. Ik krijg een duim: toen ze mij zagen lopen hadden ze vast niet gedacht dat ik hier al zou zijn. Of dat ik het überhaupt zou halen.

De laatste kilometer is nog gemeen: 10%, maar met zicht op het einde zet ik nog eens aan. Ik hoor koeienbellen en sprint langs de bus op de parkeerplaats naar de streep op de top. 1501 meter zegt het bord. De Garmin zegt 1499, maar 1501 is wel fraaier.

Het uitzicht op de top is wel een fraaie beloning voor het afzien. De col is geen pas tussen twee bergen, maar tussen de twee toppen van de Grand Colombier, die maar 25 meter hoger zijn dan de pas. Hierdoor heb je een fantastisch panoramisch zicht over de omgeving. Met in het Oosten de Rhône, het Lac du Bourget, Annecy met het bijbehorende meer en tussen de wolken de top van de Mont Blanc. In het westen zie je het glooiende middengebergte van de Jura.


Dan volgt de afdaling, die snel en technisch is. Ik, matige daler, geen lefgozer haalde makkelijk 70km per uur. Gemaakt dus voor mannen als Cadel Evans of Vincenzo Nibali die iets goed willen maken. Een deel van de afdaling is van nieuw asfalt voorzien voor de Tour. Bij regen dus spekglad. De hele afdaling is bezaaid met grint en steenslag. Oppassen dus.
In Lochieu slaat de Tour rechtsaf naar de afsluitende beklimming van de Col de Richemond van de derde categorie. Zeven kilometer van gemiddeld vier procent.

De Col du Grand Colombier is een loodzware beklimming. Ik heb meer afgezien dan op de Galibier. De vergelijking door InnerRing gaat dus wel op. Ook de Mont Ventoux vond ik minder zwaar. Een serieuze berg dus, waar verschillen kunnen worden gemaakt. Door zijn steilte, onregelmatigheid en moeilijke afdaling is hij geschikt voor aanvallen. Vooral de krachtklimmers met een voorkeur voor gelijkmatig klimmen zijn hier in het nadeel ten opzichte van de pure klimmers. Anders dan in de Dauphiné ligt de finish dichter na de klim, wat in het voordeel is van aanvallers. Ik heb dus hoop op een spectaculair koersverloop, waar kansen liggen voor mannen die gebruik makend van de selectieve klim de aanval kiezen, een voorsprong kunnen uitbouwen in de afdaling en vast kunnen houden in de niet al te zware Col de Richemond. 



Update 11-07-2012: Uitgebreide preview op de etappe van vandaag door InnerRing. (Zwaarste berg van Frankrijk). Ook de moeite: cyclingthealps.com

Col du Grand Colombier: eerste poging


Morgen staat in de Tour de France de Col du Grand Colombier op het menu. De eerste berg in de buitencategorie van deze Ronde. Het is de eerste keer dat hij is opgenomen in het tourparcours en ik merkte hem op, doordat hij dit jaar ook was opgenomen in de Dauphiné.

Wielerblog InnerRing vergeleek de berg toen met de mythische Galibier: vanuit Valoire is hij precies even lang (18km), met hetzelfde gemiddelde stijgingspercentage (6,9%).

Uiteraard zijn er verschillen: aan de Galibier gaat de Télégraphe vooraf, zodat het vertrekpunt 1200m hoger ligt, maar mijn belangstelling was gewekt. De berg bleek op redelijk berijdbare afstand van Nederland te liggen in een aantrekkelijke streek en toen ik ook nog een aardige camping vond aan de voet was het een goede kandidaat voor de eerste standplaats van de vakantie.
Nu bleek tijdens de vakantie dat een vakantie met twee kleine kinderen een ander verhaal is dan met één klein kind, zodat fietsen er niet van kwam. Zonder op de berg te hebben gestaan reden we door naar de Middellandse Zee.

Maar we kwamen terug en op één van de laatste dagen van de vakantie zou het er dan toch van komen.
We stonden in Artemare, van waaruit je een 15,6km lange klim naar de top kunt ondernemen. Er zijn twee redenen dat ik voor de andere route vanuit Culoz heb gekozen. Ten eerste is de klim vanuit Artemare 2,5km korter en dus ook steiler: met stroken tot 19 procent. Ten tweede klimt het peloton ook vanuit Culoz. Voor een polderklimmer van 80+ kilogram die echt steile klimpercentages met dubbele cijfers moeilijk verteerd is de keuze dan snel gemaakt.

Woensdagochtend 27 juni opstaan, Het is Koers!-trui aan, snel wat te eten naar binnen proppen en om half negen zat ik op de fiets. In Culoz nog koffie tanken en een zoet broodje en dan linksopdraaien de klim op. Het dorp uit ging nog best, maar daarna ging de hartslag, de temperatuur en het stijgingspercentage snel omhoog. Oei, slechte benen. Slechte maag ook. Na drie zwoegende kilometers moest ik al van de fiets om het ontbijt binnen te houden. Niet goed.

Door dan maar. Onregelmatig en steil. Net wat ik niet goed verdraag. En warm ook. Het Het is Koers!-truitje is stijlvol in zwart, maar dat is geen aanrader in de brandende zon op een bergflank.
Al na anderhalve kilometer moet ik weer oververhit van de fiets in een kurketrekker-achtige serie haarspeldbochten met een adembenemend uitzicht over de Rhône en het Lac du Bourget. Veel aandacht heb ik daar echter niet voor terwijl ik mij concentreer op het pacificeren van mijn maag. Zo’n slechte dag heb ik nog nooit gehad in de bergen!

Het ondershirtje gaat uit. Dat scheelt in ieder geval iets in de warmte. Toch maar weer verder. De Koga heeft niet 2500km op de fietsdrager meegelift om nu op te geven, dus voorwaarts! Het blijft onverminderd steil en onregelmatig. Er volgens kilometers van gemiddeld 9,4%  en 10,1%. Niet te doen. Op een derde van de klim besef ik dat ik de top vandaag niet ga halen. Drie keer van de fiets moeten in zes kilometer. Kansloos.

Met de staart tussen de benen druip ik af. Uitgewoond peddel ik terug naar de camping. Misschien is een buitencategorie klim als eerste klim in twee jaar wel iets te veel van het goede?
De hoon op de camping valt mee, maar het knaagt wel. Verloren van een hoop steen…

dinsdag 5 juni 2012

Papierloos werken went


Vanmiddag gebeurde er iets grappigs. Ik zat in overleg met een collega over een al wat langer lopende zaak. Tijdens het gesprek wilden we even de resultaten van een bijeenkomst uit 2011 erbij pakken. Hij kon ze niet vinden. Ik ook niet. Niet op een netwerkschijf, niet in een mailbox.
Waar waren die aantekeningen in vredesnaam gebleven? Totdat ik mij bedacht dat ik toen nog aantekeningen op papier maakte…

Ik heb mijn iPad en half jaar geleden gekocht en ben er nu al zo aan gewend dat ik digitale notities maak dat het bijna tien minuten niet in mij was opgekomen dat ik ooit pen en papier gebruikte.
Eerder vond al eens iets vergelijkbaars plaats. Een maand nadat we een andere werkplek kregen moest ik iets printen. Toen kwam ik erachter dat er nog helemaal geen printer geïnstalleerd was.

Conclusie: Papierloos werken went heel snel en voor je het in de gaten hebt weet je niet beter meer.

woensdag 18 april 2012

Wielerblog top 3


We zitten midden in de mooiste koersweken van het jaar, de voorjaarsklassiekers zijn in volle gang. Over een over een paar weken begint ook de mooiste Grote Ronde, de Giro d’Italia. En als man heb ik dan natuurlijk een top-lijstje. Mijn top drie bestaat uit drie verschillende smaken: een serieuze blog, een blog voor romantici en een blog met relativering.

Mijn favoriete koersblog is HetisKoers!. Begonnen als blogje, waar bronstige jongemannen en een enkele dame hun Tourkoorts konden ventileren is het in een paar jaar uitgegroeid tot hét blog voor de romantische koersliefhebber. Hier gaat het eigenlijk niet om de wedstrijden zelf. Het verhaal staat centraal. De wedstrijdkalender is hier enkel een excuus om te mijmeren over de heroïek en tragiek van de koers.
Vaste categoriën als ‘Vergeten Wielrenners’ en ‘In het Geheugen Gegrift’ zeggen genoeg. De insteek is vaak literair. Je kunt HetisKoers! zien als het hippere (en jongere) online broertje van literair wielertijdschrift De Muur.
Een leuke ontwikkeling is dat er steeds meer een community ontstaat met evenementen als de HetisKoers!-koers, De Ronde op groot scherm in Ekko. Ik rijd dit jaar zelf dan ook in het HIK-shirt.

Mijn nummer twee heeft een heel andere insteek. The Inner Ring (INRNG) is een serieuze achtergrondenblog. De anonieme auteur (Het lijkt mij een Noord-Amerikaan) zit duidelijk midden in het profcircuit. Zo is er regelmatig twittercontact met teammanagers als Jonathan Vaughters van Garmin-Baracuda. Ook laat hij regelmatig merken inside informatie over diverse World-tour ploegen te hebben.
Verwacht hier buiten de terugblikken en voorbeschouwingen ook diepgravende artikelen over de World-tour, lijntjes achter de schermen van de UCI en het WADA, over dopingstrijd in het algemeen (het is immers een angelsaksische auteur). En uitleg over de Europese landen waar de koers zich afspeelt voor de niet-Europese lezers.
Een blog met inhoud voor de wielerliefhebber met diepgang.

De top drie wordt afgesloten met een Vlaams blog dat gek is van de koers, maar de koers ook weet te relativeren: Wielerg@k. Tongue-in-cheek, zonder onzinnig te worden. De anonieme auteur is een liefhebber  die altijd met humor schrijft en zijn artikelen lardeert met geestige afbeeldingen en onderschriften. Een verademing tussen al die lieden die sport zo zwaar op de hand benaderen dat ze vergeten dat het in essentie (slechts) vermaak is.

donderdag 8 maart 2012

Ecofundamentalist?


Onlangs had ik een klein akkefietje met een collega. Ik ben opgevoed met zin voor zuinigheid. Zo doe ik zonder nadenken het licht uit als ik de kamer uitloop.
Ik hou niet van verspilling, niet alleen om het geld, ook uit een streven naar duurzaamheid. Daarom heb ik een regenton, doe ik boodschappen op de fiets of lopend, draai ik de vaatwasser alleen als hij goed vol zit en trek ik een trui aan in de winter.

Ja, bij ons thuis staat de CV (als we er zijn) op 18 graden. Dat blijken veel mensen al vrij Spartaans te vinden.
Maar dat is thuis. Deze normen heb ik ook als ik op het werk ben. Dus doe ik het licht uit als ik naar huis ga, of als ik het toilet verlaat. En als ik een beeldscherm op stand-by zie staan en weet dat daar niemand meer aan het werk gaat zet ik het uit. Dit gaat semiautomatisch. Jammer om die stroom te verspillen.

En ik trek adapters uit het stopcontact als er geen apparaat aan hangt. En daar ging het akkefietje om. ‘Hou nou eens op met je ecofundamentalisme!’ Beet hij me toe.
Dat zette mij aan het denken. Hij heeft gelijk dat ik hem mijn normen opdring. Toch doe ik dit niet om hem te pesten. Het is een dwingend normbesef, dat nog sterker geldt op mijn werk, omdat het daar niet alleen gaat om verspilling van een hulpbron, maar ook nog op kosten van de belastingbetaler. Kleine kosten weliswaar, maar dit is een principekwestie natuurlijk.

Tja, een gewetenskwestie dus. Iets Don Quichot-achtigs wellicht, maar is het ook echt ecofundamentalisme? Mag ik mijn collega’s hiermee lastig vallen, of moet ik mij leren beheersen?

dinsdag 4 oktober 2011

De evolutie van postkantoren

Hier volgt een mopperblog over het verdwijnende fenomeen postkantoren. Vroeger waren er postkantoren, alwaar postbeambten je van postzegels en strippenkaarten voorzagen en waar je pakketjes kon afgeven. De openingstijden waren belachelijk, maar je wist niet beter.

Later werd de post geprivatiseerd. De markt zou het beter en goedkoper gaan doen. Het Post-deel van de PTT kreeg als bruidsschat van de overheid de postkantoren mee. Zeker in steden waren dat vaak waardevolle stukken onroerend goed op A-locaties. Zonde om te verspillen als postkantoor. Daarom verdwenen de postkantoren en kwamen er postagentschappen in boekwinkels en supermarkten. De openingstijden bleven belachelijk, maar je had geen andere keus.

Achter een postbalie zat een medewerker de vertrouwde postkantoorhandelingen te verrichten. Het belang van pakketpost nam steeds verder toe door het internet: Marktplaats en webwinkelen.

De balie nam wel kostbare winkeloppervlak in, dus nu is sinds kort bij de Spar om de hoek het agentschap gesloten. De posthandelingen worden gedaan bij Kassa 3, door een supermarktscholier. Mensen staan te wachten in de rij voor het koelvak. Op TV zijn spotjes die het pinnen promoten. Bij de Postkassa kun je alleen contant betalen. De openingstijden zijn nog steeds belachelijk.

woensdag 10 augustus 2011

Nieuwe schoenen!

Drie weken geleden kocht ik een paar nieuwe loopschoenen. Na twee jaar Saucony Progrid Triumph 5 was ik toe aan wat nieuws. Bij de Runner’s World aan het Hoornsediep stond ik al snel buiten met een paar Asics Gel nimbus 12 in zwart en oogverblindend fluor-oranje.

Het eerste loopje op de nieuwe schoenen was een kleine teleurstelling. Het voelde wat onwennig en ik had meteen wat last van mijn rechter achillespees. Verder had ik het gevoel dat de schoen mij meer tot een hiellanding dwong dan de oude Saucony’s. De tweede keer werd dat niet beter. De achillespees werd echt hinderlijk. Vreemd, wat ik had nooit eerder een dergelijke blessure gehaden volgens het interweb ben ik ook niet de enige. Terug naar de winkel dus.

Daar werd ik heel correct te woord gestaan. Afgesproken werd dat ik eerst nog eens op mijn oude schoenen zou lopen om uit te sluiten dat het gewoon een toevallige blessure was.
Na twee probleemloze trainingen op de oude schoenen ging ik vandaag maar weer terug. Na een uitgebreide video-analyse, zooltjes en diverse schoenen ben ik tevreden naar huis gegaan met een paar Saucony Progrid Triumph 8, de opvolgers van mijn oude schoenen. Goeie service dus van Runner’s World!

Hierbij ben ik een beetje eigenwijs geweest. Hoewel de video-analyse liet zien dat ik iets overproneer heb ik het advies om een schoen die daarvoor corrigeert te nemen afgeslagen.
De Asics Gel Kayano 17 die ik uitprobeerde deden al na een paar keer heen en weer rennen in de winkel een pijn uit het verleden herleven. Acht jaar geleden had ik ook een paar Gel Kayano’s: mijn eerste serieuze loopschoenen. Meer dan een jaar lang had ik na iedere training zeer pijnlijke kuiten en schenen. Dit voelde ik onmiddellijk weer. Hoewel de video duidelijk toonde dat de correctie werkt, laat ik deze kans op een wat esthetischer loopje zitten. Ik loop inmiddels al vijf jaar blessurevrij en pijnvrij op neutrale schoenen, dus daar ga ik lekker mee door.

Mijn schoengeschiedenis:
• Adidas geen idee welk type, 1998
• Asics Gel Kayano IX najaar 2003
Pearl Izumi Syncro Float okt 2006
• Saucony Progrid Triumph 5 2009
• (Asics Gel Nimbus 12 2011)
• Saucony Progrid Triumph 8 2011

maandag 2 mei 2011

Wielervoorjaar 2011

De mooiste tijd van het wielerseizoen zit er weer op. De wielerlente is afgelopen. Het zomerseizoen met de grote rondes komt er aan. Tijd voor een evaluatie.

Eindeloos lang duurde de winter weer. Het voorjaar kan worden samengevat met twee namen: Fabian Cancellara en Philippe Gilbert. Van de Zwitserse Brommer werd verwacht dat hij het voorjaar zou domineren, maar ondanks een veelbelovende start bleek dat toch mee te vallen. Hij was ontegenzeggelijk wederom onmenselijk sterk. Toch zag een herhaling van vorig jaar er niet in. Net als Tom Boonen een paar jaar geleden heeft ervaren, is het peloton heel goed in staat een te sterke renner te neutraliseren door negatief te koersen. Dit heeft tot gevolg dat die minder wint, maar desalniettemin weet iedereen dat hij de sterkste man is en vormt hij wel het wielervoorjaar. Zo gaat dit in vlakke koersen.

In de heuvelklassiekers is dit lastiger, omdat bergop het meer man-tegen-man is dan op het vlakke. En dus kon Gilbert winnen waar hij wilde. Als we de winsten negeren, maar kijken wie de koers bepaalden zijn Cancellara en Gilbert de onbetwiste grootmeesters van het afgelopen voorjaar.

Het voorjaar begon erg goed voor het Nederlandse wielrennen. Het voor-voorseizoen werd gedomineerd door de Rabo’s die Down Under wonnen en in Oman domineerden. Na de prachtige zege van Langeveld werd het wat minder voor de oranje mannen, maar als je de progressie van Gesink, Mollema, Boom, Tjalingii en Ten Dam bekijkt – en vergeet ook de terugkeer van Hoogerland en de groei van Poels niet - kan het niet anders dan dat er goede jaren aankomen voor het Nederlandse wielrennen.

In algemene zin was het een mooi voorjaar voor het publiek. Zelfs de traditioneel saaie Primavera was een koers met een schitterend verloop. De Ronde was spectaculair en dat kon ook worden gezegd van Roubaix en La Doyenne. Alleen de Amstel Gold Race viel wat uit de toon met een saai verloop.
Het enige wat op De Ronde viel aan te merken was dat de winnaar nu niet erg attractief gekoerst had. (Dit wil niet zeggen dat het geen terechte winnaar was!) Met Goss, Nuyens en Vansummeren hadden we veel onverwachte winnaars in de klassiekers. Gilbert was in de klimklassiekers dan wel weer een voorspelbare winnaar, maar deed dat op grootse wijze.

Al met al een fraai voorjaar dat smaakt naar meer. Over een week start de Giro, de mooiste der grote rondes!

maandag 11 april 2011

Parijs Roubaix: kasseien in essentie

De filmpjes van cameraman Rob Hodselmans van Holland Sport zijn bijna altijd prachtig, maar vanavond werd een uitzonderlijk mooi filmpje vertoond van de kasseienstrook van Mons-en-Pevel tijdens Parijs-Roubaix afgelopen zondag. Zie die banden over de kasseien gaan!

woensdag 12 januari 2011

Hoogtepunten 2010: Mont Ventoux

Een week na de Galibier was de Mont Ventoux aan de beurt. De eerste keer de moeilijke kant vanuit Bédoin. 21 kilometer, gemiddeld 7,3% Het was een windstille dag en niet al te warm. Perfect weer dus. En na de Galibier viel het me reuze mee! De eerste 15 kilometer door het bos naar Chalet Reynard waren het zwaarst. Onregelmatig en enorm lang. Uit ontzag voor de laatste 6 kilometer door het notoire maanlandschap eerst bij Chalet Reynard even zitten, koffie drinken, recupereren. Dan weer verder, maar verdraaid. Dat valt reuze mee! Tot de laatste kilometer gaat het zelfs wel lekker. Op de top was het vreselijk druk. Jammer, daarom snel maar weer naar beneden. Even stoppen bij Tom Simpson en dan knallen naar beneden!



Een paar dagen later staat er een straffe Mistral, maar heb ik wel zin om nog eens op de fiets te stappen. Ik besluit door de Gorges de la Nesque naar Sault te rijden. Door deze kloof loopt een weg, 40 kilometer vals plat omhoog (1-5%). Verlaten, zonder zijwegen, zonder bewoning. Fantastisch mooi! In Sault drink ik een kop koffie en eet ik een puntje appeltaart en besluit om in ieder geval tot Chalet Reynard te klimmen. Dit is de mietjeskant van Ventoux, 2-5% gedurende 22 kilometer. Wat het wel venijnig maakt is de wind. Met de Mistral op kop sta ik te ploeteren om nog 10 in het uur te halen. Dan de bocht om en de wind in de rug, vlieg ik bergop met 30 per uur. Bij Chalet Reynard ben ik vlotter dan verwacht. Harde wind, dat is de échte Ventoux, daarom fiets ik door. Dit is beter! Er is bijna niemand. Het is zwaar, maar geweldig. Klimmen met de handen in de beugel op het kleinste verzet. Heroïsch!
De top is verlaten, zodat ik 5 minuutjes schuil voor de wind in het souvenirwinkeltje op de top en dan maar snel terug dalen naar Bédoin met een enorm goed gevoel.




Hoogtepunten 2010: de Alpen

Pas kocht ik toch maar die veel te dure foto van mijn beklimming van de Col du Galibier.  Een mooie aanleiding om toch even wat aandacht te besteden aan mijn 3 sportieve hoogtepunten van het afgelopen jaar
  1. Col du Galibier (2646m)
  2. Col du Glandon (1924m)
  3. Mont Ventoux (1912m)
 Al deze cols werden bedwongen tijdens mijn vakantie. De Glandon was de eerste. Een prachtige klim over een rustige weg. De eerste helft door een bos, met voortdurend het ruisende geluid van bergbeken in de oren. Het tweede deel door de alpenweiden met een heel lastig slot. Mijn eerste echte alpencol, 20 kilometer lang, 13% gemiddeld. Afzien, genieten en verbaasd dat het ging.
Na de top klom ik nog een klein stukje door naar de Col du Croix de Fer, maar die telt alleen vanaf de andere kant.












Twee dagen later besloot ik het maar te gaan wagen: op naar Saint-Michel-de-Maurienne en maar zien waar het schip zou stranden. Het begin met de beklimming van de Col du Télégraphe ging super. Een heerlijk regelmatige klim van 12 kilometer aan gemiddeld 7,4%. Daarna een korte daling naar Valloire en dan begint het echte werk. 18 kilometer klimmen door de Alpenweides en op het laatst door de kale rotsen. Lang en zwaar, maar wat een kick om dat als zware polderfietser te volbrengen!






zaterdag 1 januari 2011

Radio

Enige jaren na de rest van de wereld ontdekte ik een web 2.0 fenomeen: podcasts. Ik breng heel wat uren door in mijn auto. Daar luister ik naar muziek op mijn iPod. Prettig, want altijd fijne muziek bij de hand. Dit heeft echter ook een nadeel: je hoort nooit meer iets nieuws. Enkel muziek die je al kent.
Als je je daar bij neerlegt ben je rijp voor Arrow Classic Rock en Arbeidsvitaminen, maar één van de genoegens van de kunsten is juist dat je nu en dan iets nieuws ontdekt, in plaats van het herkauwen van je voorbije jeugd.

Radio had daar altijd een belangrijke rol in. Heel vroeger luisterde ik naar Radio 3 en hoorde daar bijvoorbeeld op een zaterdagmiddag Rob Stenders een liedje draaien van een obscuur Brits bandje. Niemand kende het, maar Stenders bleef het week na week draaien. Ik was verkocht. Creep van Radiohead was fantastisch!

Later bewoog mijn smaak zich weg van de 3FM mainstream, maar gelukkig was er op de kabel KinkFM. Ook daar was genoeg te ontdekken.

Nu zit ik in de auto en is radio in de ether een barre woestijn. Alleen muziek voor oude lullen, of commerciële middelmaat. Waar moet ik nu nieuwe pareltjes voor het eerst horen?
Hier komen Podcasts in beeld. Op het internet kan iedereen radio maken. En dat kun je downloaden en beluisteren als je daar zin in hebt. In de auto bijvoorbeeld. Enige jaren geleden begon de eerder al genoemde Rob Stenders een eigen internetradiostation KxRadio uit onvrede met de reguliere radio, waar managers bepalen wat de DJ moet draaien. Op KxRadio bepaalt de DJ zelf wat hij draait. En dat levert een bonte collage op van muziek die de makers zelf ook écht goed vinden. Radio van liefhebbers voor liefhebbers dus. Sympathiek idee.
Mijn favoriet van het moment is Nico Dijkshoorn, vooral bekend als nasale huisdichter van De Wereld Draait Door. In zijn vrije tijd is deze bibliothecaris een fanatieke bewoner van de plaatselijke Plato en droomt hij in een bandje. Samen met DJ Ratz maakt hij een uurtje radio per week. Iedere week een tas platen, aan elkaar gepraat door twee jongens die op een zolder radiootje spelen. Meer is het niet, maar meer is ook niet nodig. Ik begrijp dat. Compleet met cheesy Beavis & Butthead-achtig gegniffel en uitroepen na iedere plaat dat dit ‘echt te gek’ is.

Deze jongens houden van de muziek die ze draaien en dat is aanstekelijk. Het is echt een omgevallen platenkast. Alles kan voorbij komen. Van obscure eighties Italo-disco tot De Jeugd van Tegenwoordig en van country tot foute glijerige R&B negers, van ACDC klonen tot lieve liedjes. Ik deel het enthousiasme niet altijd, maar dat hoeft ook niet. Het is immers een persoonlijke selectie. En soms ontdek je iets nieuws dat écht te gek is. Ik draai inmiddels al een paar maanden steeds opnieuw The Black Keys en val er ook mijn vrienden mee lastig. Gruizige rock die inderdaad steengoed is en bij voorkeur hard dient te worden opgediend.

Bloggen in 2010


2010 was een slecht jaar voor mijn blog. Niets meegemaakt dan? Dat zeker wel. Genoeg hoogtepunten, mooie ervaringen, meningen, ergernissen om over te schrijven. Toch gebeurde het niet.

Ik maak echter niet opnieuw excuses aan mijn lezers. Soms is het even niet anders. 2010 was voor mij een pittig jaar dat werd gekenmerkt door een opgroeiende dochter die de transitie van baby naar peuter maakte. Dat was superleuk en inspirerend, maar ook slopend door het chronische gebrek aan nachtrust. Dit in combinatie met een fijne baan die gepaard gaat met flinke reistijden maakte het zwaar.

Ik ben overigens erg tevreden met mijn leven: er is hier geen sprake van een klaagzang. Het schrijven schoot er echter nogal bij in. Áls ik schrijf, wil ik wel een fatsoenlijk product produceren en als de randvoorwaarden daar niet voor aanwezig zijn door slaapgebrek, gebrek aan puf, concentratie of gewoon geen zin, dan laat ik het liever.

Hoe nu verder met dit blog? We zullen zien. De vooruitzichten zijn dat 2011 geen veel gunstigere randvoorwaarden zal opleveren. Maar nu en dan hoop ik toch nog een kruimeltje te produceren.

woensdag 18 augustus 2010

LBL 2010: Als een zonnetje

Afgelopen weekend was het weer tijd voor het jaarlijkse weekendje ploeteren in de Ardennen: Luik-Bastenaken-Luik. Net als vorig jaar sliepen we direct aan de start in het Holiday-Inn in Luik, waar we dit keer een ruime kamer hadden met uitzicht op de Maas.

Jan-Daem en ik waren vrijdagavond om 21:00 uur ter plaatse en hadden besloten het dit jaar anders te doen. Geen gedoe met zoeken naar een restaurant, laat eten en nog later naar bed. Dit jaar stelden we ons tevreden met een AC onderweg en gingen we op tijd naar bed. Na aankomst spraken we nog even de komende dag door met de rest van de groep. Routiniers Cees en Pax zouden 130 rijden, dus die zouden we zaterdag pas na afloop weer zien.

Van onze metgezellen voor de dag kenden we alleen Floris, die in 2008 sterk debuteerde. Dit jaar vormde hij met Joeri en Leon de Roestige Rijders, die overigens helemaal niet roestig bleken. Eerste indruk: leuke jongens, daar komen we de dag wel mee door. Het plan werd om te proberen daadwerkelijk om 7 uur te vertrekken.

Na een heerlijke nacht, zonder verschoningen en flessen werd ik om 6 uur wakker van de wekker. Dat voelde alvast goed. Douchen, trikot kiezen en naar de ontbijtzaal. Veel koffie en stouwen maar. Behoorlijk op schema stonden we bij de auto om de fietsen klaar te maken. Daar troffen we ook de Rijders die stonden te hannesen met een slot. Sleutel kwijt. Kortom vertraging. Gelukkig werd de sleutel na enig vijven en zessen gevonden waarna we op pad konden.

Vertrek: half acht. Acceptabel. Het weer was voor het eerst echt mooi. Dit jaar geen mist in de ochtenduren, maar stralende zon! Op de eerste klim bij Embourg maar eens echt kennis gemaakt met de Roestige Rijders. Alle drie studenten. Floris: filosoof, Duitslandkundige en tanige spijker. Joeri: filosoof, estheet voormalig topturner met een haarcomplex. Type kleine vlo, denk Bettini met krullen. Leon: cultuurhistoricus, voormalig zware roeier bij Orca.

LBL was hun eerste grote tocht zeiden ze. Maar als voorbereiding bleken ze de Mergellandroute al gereden te hebben. Ook waren ze een keer kop-over-kop van Utrecht naar Zwolle gereden en weer terug. Onervaren misschien, maar bepaald niet onvoorbereid!

J-D en ik hadden dit jaar nog geen tochten gereden die veel langer waren dan 100 kilometer. Ik had zelfs nog geen meter bergop gereden. Dat kon nog wel eens een pittig dagje worden. De jonge honden vlogen alle hellingen op. Dat schoot lekker op. Jammer dat Joeri iedere 5 minuten moest plassen.

Het ging eigenlijk wel lekker. Alleen Jan-Daem kwam moeilijk in zijn ritme. Ik merkte dat ik dit jaar weer makkelijker bergop kom. De chambralles ging soepel, en ook de Wanne ging nog heel behoorlijk. Alleen Leon trok de stroken van meer dan 15% niet door knieproblemen en slechts een dubbel. De bikkel buffelde echter bewonderenswaardig door.

Het was heerlijk fietsen in de zon door de prachtige Ardennen. Wanne was alweer de tweede controle-/ verzorgingspost. Daar even lekker op een muurtje gezeten. Dan afdalen en vervolgens met koude spieren beginnen aan de Stockeu. Voor mij was dit de eerste keer op deze helling. Ik begon het wel wat zwaar te krijgen: de 100 kilometer dip. Ik kwam toch boven op de rotzak. Daarna werd het nog zwaarder. Volgens de organisatie was de Redoute de volgende klim pas. De werkelijkheid was een stuk zwaarder. Naamloze stroken van ruim boven de 10% waarop ik er wel wat doorheen kwam te zitten. Extra vervelend dus dat de voorderailleur weigerde naar het binnenste blad te schakelen.

Uiteindelijk kwamen we aan de voorlaatste post, een soort steengroeve waar je niet kon zitten, het water opwas en de stenen stukken uit mijn fietsschoenen sneden. Niet zo’n goede plek dus. A-typisch voor de meestal uitstekende verzorging door Le Champion!

Daarna door naar La Redoute. De Rijders waren nerveus voor deze laatste beproeving. Ik minder: de ervaring van vorig jaar was bemoedigend. Jammer dat er toch nog een bui viel op de verbinding naar Remouchamps. Net als vorig jaar begon ik de klim naast Jan-Daem, maar bij het opdraaien naar het zwaarste stuk kwam ik voorop met dank aan de 27. Relatief op het gemak ging ik naar boven. Bijschakelen en even uit het zadel naar het plateautje. Dan weer zitten. Nog een stukje uit het zadel, het einde in zicht. Drie tandjes groter schakelen en en danseuse sprintend naar de top. Als eerste boven van ons groepje. Raar. Floris volgt korte tijd later en daarna Jan-Daem. Dan Joeri. Als ik mijn appel al op heb volgt  Leon. Lopend en kauwend op een broodje kaas. Even uitblazen en dan een groepsfoto:

Daarna door, op naar Luik. Nog één klein puistje, dan dalen naar Chaudfontain en langs het water knallen. De Roestige Rijders gaan helemaal los: 38, 39. Mij te hard. Ik los op het vlakke. Ongebruikelijk. Langzaam verlies ik terrein. Ik trap alleen 33, hooguit nog 34. Ik haal wat groepjes in en heb na een paar kilometer een pelotonnetje in mijn wiel.

In de stad, bij een stoplicht haal ik ze bij en doe ik een Cancellaraatje. Misbruik makend van mijn anciënniteit draag ik ze op om nu normaal te doen en niet meer zo zot te rammen. Ik zet me op kop en grappig genoeg heb ik na een paar honderd meter alleen Jan-Daem nog mee. Na enig geslalom komen we met zijn tweeën om 18:30 over de streep. 177,5 kilometer, netto rijtijd 7:26. Eén kilometer per uur langzamer dan vorig jaar.

Het parcours was zwaarder dan vorig jaar. Maar we hebben wel goed doorgereden. J-D en ik hadden beiden het gevoel sterker en fitter te zijn dan vorig jaar. We kwamen overal goed boven, maar misten wat macht. Waarschijnlijk zijn we gewoon vermoeider dan vorig jaar.

Desalniettemin hadden we een topdag. We sluiten af met een goede maaltijd, waarna de Rijders nog energie hebben om de kroeg in te duiken. Ik slaap als een os. Zondag terug naar huis. Super weekend. Volgend jaar weer.

Kilometers maken in het hoge Noorden


Een week voor LBL. Zoals te voorzien is er te weinig getraind. Daarom heb ik nog een dagje geprikt met Jan-Daem, Cees en Hester. Het weer is dreigend, maar de buienradar laat zien dat de buien van West naar Oost trekken, net onder Groningen langs. De route vaststellen is dan ook niet moeilijk: naar het Noorden!
Dan een kleine kink in de kabel: Hester en Jan-Daem hebben het krat met fietsbenodigdheden in Leeuwarden laten staan! Voor J-D heeft Cees nog wel een set reserveschoenen. Hester strandt daardoor in Haren. Jammer!
Ik help J-D nog aan handschoentjes, helm op van de buurman en we kunnen op weg voor een heerlijke rit in de zon. Dreigende Hollandse luchten, weinig wind. Perfect!
Groningen uit langs het Hoendiep, Hoogkerk en dan het Westerkwartier in. Oldekerk, Lutjegast, koffie met appeltaart in Visvliet. Dan via Kollum naar Anjum en Ee, over de dijk naar Lauwersoog. Daar pauzeren met een visje (echt waar!) en voor de wind terug richting Groningen. Zoutkamp, door het Reitdiepdal via Houwerzijl, Oldehove, Saaksum, Ezinge. Dan een paar spetters en koffie bij Hamming in Garnwerd. Nog een klein stukje verder en we zijn er weer: 112,5 kilometer en een uitstekende zondagmiddag verder. Dat geeft vertrouwen voor de Ardennen!